16 weetjes over slaap bij en na een baby die ouders maar al te goed kennen

  • door Mamabaas

Elke baby is anders, en dat geldt ook voor slaap. Desalniettemin zijn er bepaalde dingen die je als kersverse ouder opmerkt, waar je nooooooit van had gehoord en die toch redelijk angstaanjagend (of verhelderend) kunnen zijn. Zoals... 

  1. Baby’s zijn helemaal niet stil als ze slapen… en soms veel té.  HARTAANVALTIJD. En vinger onder de neus houden. En zuchten van opluchtig, tot blijkt dat je met je ajuinvingers de baby hebt wakker gemaakt. Och ja, nu ben je zeker dat ie nog leeft natuurlijk.
  2. Ze slapen wél door de stofzuiger, maar niet als jij muisstil, de krakende tree vermijdend eens komt piepen hoe lief ze wel liggen te slapen. BLEITEN. Seriously, ik heb dat een jaar niet gedaan, gewoon om dat te vermijden!
  3. Je krijgt wel eens een angstaanval van hun slaappatroon. Zo vlak voor je gaat slapen, meestal, uit pure schrik dat je weer niet genoeg gaat slapen.
  4. En angstaanvallen tijdens de slaap: dat je denkt dat de baby in bed lag en weg is (door te rollen, te stappen, …) en je wild in het donsdeken begint te graaien. (*Dit heeft maar drie jaar geduurd)
  5. Na drie weken om de twee uur opstaan, voelt drie uur slapen als de hemel. Na doorslapen weer één keer vijf minuten moeten opstaan, maakt van jou een ‘mombie’ (* mommy zombie, zie ook: Mama heeft alles (bijna, maar nooit helemaal, niet echt) onder controle)
  6. Je voelt je soms meer uitgerust na een onderbroken nacht dan na een volle nacht (* in het begin)
  7. Er is altijd één televisieprogramma dat je graag wil zien en waar ze altijd bij wakker worden, ook al liggen ze een verdieping hoger. Bij ons was dat Game of Thrones. Vier seizoenen lang!
  8. Er komt een punt, altijd weleens, dat je gewoon sméékt aan je kind om te slapen. Of aan een peuter van twee een uiteenzetting doet van je dag, gewoon omdat je het ook niet meer weet.
  9. Soms zijn ze gewoon wakker. Klaarwakker. Niet huilerig, niets scheelt, geen honger, geen dorst, niet actief. Gewoon wakker. En jij mag de kamer uiteraard niet verlaten.
  10. Ze zijn bang. Ik heb onderschat hoe bang die van mij was, toch ne stoere overdag. Zeer bang. Go nachtlampjes.
  11. Ik ben een diepe slaper en grumpy als ik word wakker gemaakt… maar niet als de kleine dat doet. Ik heb hem al gehoord sinds zijn deur zachtjes open ging namelijk… (de rest hoor ik nog altijd niet, straffe toebak!)
  12. Tijdens de borstvoeding vielen we vaak samen in slaap, cozy in het warme bed. Héérlijk. Tot je wakker wordt met zo’n angstaanval… terwijl je de baby een uur geleden al terug in zijn wiegje hebt gelegd.
  13. De eerste dagen (en nachten) slapen baby’s keiveel. Je voelt je al een superouder, met een gemakkelijke baby. En dan begint het.
  14. De eerste keer dat je baby langer doorslaapt dan gewoonlijk ben je ongerust: gaat hij nu geen honger hebben (neen), moet je hem wakker maken om te voeden (NEEN!), leeft hij nog wel?? (met grote waarschijnlijkheid: ja!)
  15. Dat niet doorslapen... dat is niet (enkel) iets voor het begin. Ja, dat mindert en verdwijnt. Uiteindelijk. Want in de kleuterjaren worden ze ook nog (soms/vaak, afhankelijk van het kind) wakker. Door een verkoudheid, een nachtmerrie, naar het toilet moeten gaan, een ongelukje hebben en soms, jawel, gewoon 'zomaar'.
  16. Niets zo handig als een deken en goede zetel in de kinderkamer eens je de bedvoedingen bent ontgroeid. De nachten zijn dan wel koud, jij niet.. *snore*