Er zijn dit jaar géén stoute kinderen …

Ik sta intussen 22 jaar in het onderwijs. In mijn beginjaren dreigde ik er ook mee in de klas: “Oei, zo’n onbeleefd antwoord, het is maar te hopen dat de Sint dat niet hoorde.” Als het kon begon ik er begin november al mee.

Maar, 12 jaar geleden, stond voor het eerst in het eerste leerjaar. Een van mijn leerlingen hoorde ik plots fluisteren ‘Ik haat de Sint’. Het was één van mijn ‘koesterkindjes’. Kindjes die extra liefde nodig hebben en dit op de meest on-liefdevolle manieren vragen.

Toen de klas ging spelen riep ik hem even bij mij. Het begon me namelijk plots te dagen waarom hij het de laatste dagen zo moeilijk had. Mama en papa waren het type dat hun geld liever aan feestjes en alcohol uitgaf dan aan brood voor de kinderen.

Hij vertelde dat de Sint nooit bij hem thuis kwam, dat hij al zo vaak zijn best had gedaan om flink te zijn, en toch kwam hij niet. Hij zette zijn schoen, maar er zat niets in als hij ’s ochtends wakker werd. Mijn hart brak. In wat voor een maatschappij leven we? Als we kinderen die het al zo moeilijk hebben om hun hoofd boven water te houden, nog eens extra kopje onder duwen …

Elk liedje, elk verhaal, elk … gaat over de Sint die niet naar de stoute kindjes komt. Ook de Spiekpietjes komen stilletjes kijken of je wel flink bent …

Maar het gaat ook verder. Sinterklaas is een heilige man. Dat wordt eigenlijk vooral gevierd door de christenen. Intussen is dat al min of meer losgekomen van de Kerk, en vieren we het vooral thuis. ‘Dat is onze cultuur!’ hoor ik iedereen maar al te graag roepen. Gelijk hebben ze.

Andere godsdiensten hebben hun eigen feesten waarbij kinderen verwend worden. Toen ik in mijn multiculturele klas voorzichtig polste wie er thuis allemaal iets in zijn schoen vond die ochtend, moest ik vaststellen dat de helft van mijn klas niets kreeg.

Ik stelde mezelf de vraag of het dit is wat wij willen. Willen we hier naartoe met onze maatschappij? Als je maar genoeg tegen een kind zegt dat hij stout is, zal hij zich stout gedragen. Willen we allemaal gefrustreerde mensen en kinderen de maatschappij insturen, alleen maar omdat dit onze cultuur is?

‘Wij vieren toch ook geen Suikerfeest of Loofhuttenfeest?’ hoorde ik anderen zeggen. Nee, inderdaad, dat is onze cultuur niet. Maar ik vertelde nog nooit tegen een kind dat wij geen Suikerfeest vieren omdat zij stout geweest zijn ... Wij zeggen er netjes bij dat dat komt omdat dat een andere godsdienst is.

De Sint afvoeren was dan ook geen optie voor mij. Maar het verhaal een piepklein beetje veranderen? Dat kon wel!

Ik kijk sindsdien zowel thuis als in de klas naar de aankomst van de Sint. We roepen het uit van plezier als hij zegt dat er dit jaar géén stoute kinderen zijn. Ik vertel hen dat als de Sint niet bij jou thuis komt, dit is omdat die oude man wat vergeetachtig is. Er zijn intussen zoveel kinderen in ons land, dat hij het soms allemaal niet meer zo goed weet. Om er zeker van te zijn, dat hij bij al die brave kinderen geweest is, komt hij altijd naar alle scholen. Op die manier vergeet hij zeker nooit een kind.

Een fijne bijkomstigheid? De kinderen waarderen extra wat ze van de Sint kregen. Want als er nu één ding is wat de Sint wilt, dan is het wel kinderen gelukkig maken in plaats van ongelukkig.