Fijnproevers

Robin, mijn eerste kind, smulde als peuter van olijven en zongedroogde tomaten en deed je als kleuter op restaurant meer plezier met een slaatje garnaal dan met frieten en kipnuggets. Hij eet graag en veel en heel gevarieerd en er zijn maar een handvol dingen waar hij niet erg vrolijk van wordt. Choco bijvoorbeeld, en pannenkoeken, en koffiekoeken. Ik weet ook niet wat ik daarvan moet denken.

Victor is ook een heel gemakkelijke eter, al heeft hij een maag als een erwt en zijn de hoeveelheden niet om over naar huis te schrijven. Maar we kunnen op een paar vingers tellen wat hij echt niet graag lust, en hij staat ook echt open om nieuwe dingen te proeven.

In ieder geval had ik mezelf op de borst kunnen kloppen en dat goede eten aan mijn opvoedkwaliteiten toe kunnen schrijven. Of aan de borstvoeding, waardoor ze al van in het begin aan verschillende smaken blootgesteld werden. Of aan de fijne sfeer aan tafel, want we eten altijd gezellig samen.

Gelukkig deed ik het niet.

Want Leon, die op dezelfde manier opgevoed wordt, ook borstvoeding kreeg en nota bene een grote broer had die het perfecte voorbeeld gaf, tja, die begon rond zijn tweede verjaardag zijn neus op te halen voor alles wat hij nooit eerder geproefd had, en hij schrapte ook heel wat voedingsmiddelen die hij eerder wél at.

Ik wist niet wat me overkwam, en ik weet het negen jaar later eerlijk gezegd nog steeds niet goed.

Ik mag wellicht niet klagen, want hij lust het meeste fruit wel, en rauwe groenten zónder dressing, en bruin brood en nog wel wat gezonde dingen. En ook heel wat ongezonde dingen, wees gerust. Choco, pannenkoeken of koffiekoeken? Geen probleem.

Maar gemakkelijk is het niet, zo’n kind dat ’s avonds eigenlijk alleen maar echt goed eet als de pot spaghetti, frieten of pizza schaft. Dat in een broodjeszaak alleen maar een droog broodje wil, want hij lust geen hartig beleg en alleen groenten op een broodje, nee, dat kan toch niet. Dat op de uitgebreide menukaart van een restaurant alleen maar frieten uitkiest met eventueel een gefrituurde snack, want restaurantspaghetti zal hij zeker wel niet lusten, en al de rest is gewoon ronduit vies. Dat twijfelt of hij wel naar het verjaardagsfeestje van een vriendje zal gaan, want die vertelde enthousiast dat ze hamburgers gingen eten, en dat is ook al niks voor hem.

Maar goed, hij groeit en ontwikkelt zich goed. En het gaat langzaamaan beter. Hij komt er wel. Ooit.

Met ieder kind is er natuurlijk wel iets, en bij het herlezen van deze blogpost vond mijn moederhart toch dat er ook iets positiefs over mijn lieve Leon geschreven moest worden. Want het is wel echt een schatje, hoor.

Zo maakte hij een paar weken geleden voor Moederdag een boekje waarin hij in het Engels uit de doeken doet hoe graag hij me wel niet ziet en hoe supercool ik wel niet ben, zeg. Ik ben er echt oprecht blij mee.

Voor de volledigheid: van Robin kreeg ik niks (‘Ja, ik wist toch niet wat ik moest maken, hè.’) en Victor, die vond dat zijn tekening mislukt was, bood me vijftig cent aan uit zijn spaarpot, die ik overigens beleefd weigerde. Iets zegt me dat die twee later heel romantische partners gaan zijn …

 

Deze tekst verscheen eerder op Moederaandehaard.